Zoeken

7 tips voor een bezoek aan de dierenarts

Bijgewerkt: 10 dec 2020

Veel honden hebben angst voor de dierenarts. De een meer dan de ander. Wat kun je doen om deze angst te verminderen en hoe kun je grote angst voorkomen? Een gouden recept is er helaas niet, maar de volgende tips kunnen zeker helpen.


Tip 1: keuze van de dierenarts

Kies je dierenarts met de nodige zorgvuldigheid. Een dierenartsenpraktijk die oog heeft voor angst van je hond, vindt het geen enkel probleem als...

- je met je hond de praktijk komt binnenwandelen om kennis te maken met de omgeving, de assistent en zo mogelijk de weegschaal.

- je vraagt om een eerste ontmoeting met de dierenarts zonder behandeling.

- je vraagt om dubbele consulttijd voor een behandeling.

Vraag bij de praktijk of dit bij hen geen probleem is en kies pas echt voor de praktijk na een eerste of tweede ontmoeting van de dierenarts.


Sommige dierenartsen staan negatief tegenover adoptiehonden uit het buitenland. Ook daar kun je vragen over stellen. Heeft de dierenarts kennis van en ervaring met honden uit het buitenland en angstige honden? Hoe gaat hij met angstige honden om? Je kunt ook anderen vragen naar ervaringen met de dierenarts.


Sommige dierenartsen hebben een fear free certificaat. Zij streven ernaar en voldoen aan eisen om behandelingen zo angstvrij en stressvrij mogelijk te laten verlopen.


Heel belangrijk is dat jij je ook prettig bij een dierenartsenpraktijk voelt.



Tip 2: verkennen van de praktijk Ga voor de eerste behandeling al een aantal keren met de hond naar de praktijk als het rustig is. Laat de hond de wachtkamer snuffelend verkennen. Je hond mag (zover dat kan) de route en het tempo bepalen.


Neem bijvoorbeeld vanaf de tweede keer even plaats in de wachtkamer en bied je hond een snuffelmat aan.

Misschien durft je hond de tweede of derde keer al op de weegschaal te gaan staan. Dwing hem niet. Als hij zelf ervoor gekozen heeft om op de weegschaal te staan, kun je voerbeloningen op de weegschaal strooien.

Vraag een volgende keer of je onder begeleiding van een assistent(e) met je hond alvast de behandelkamer in mag als deze vrij is. Laat je hond de behandelkamer verkennen. Misschien durft hij al op de behandeltafel. Zo niet, dan is dat niet erg. Laat de behandeltafel in de laagste stand zetten (als dit kan) en bouw het rustig op met één pootje, twee pootjes, enz. Geef hem elke keer een voerbeloning als hij de tafel met een pootje aanraakt. Je kunt dit ook thuis oefenen met een lage tafel of iets dergelijks. Zodra je hond thuis geheel op de tafel durft te staan, kun je er een cue aan verbinden, bijvoorbeeld: "Op tafel".

Als de tafel van de dierenarts niet naar beneden kan, kun je je hond laten wennen aan het optillen. Dat doe je stap voor stap. Sommige honden vinden een omarming "al" eng. Begin dan voorzichtig met één hand op en bouw langzamerhand op naar één arm kort om het lijf en zo verder (zie ook tip 3).


De volgende stap is een ontmoeting met de dierenarts, nog zonder behandeling. Misschien vindt je hond de witte jas vreemd of eng. Houd daar dan samen met de dierenarts rekening mee. De jas kan wellicht uit of je hond krijgt de tijd om op eigen initiatief te verkennen.

Veel dierenartsen vinden het geen probleem om nog even te wachten met het op de tafel zetten van je hond.


Tip 3: aanraking van je hond

Oefen thuis in het aanraken van je hond. Begin zonodig met heel kleine stapjes, zoals 5 seconden een hand op zijn borst leggen. Loopt je hond (daarna) weg, dan stop je de oefening. Vertel je hond elke keer wat je gaan doen (dit heet "name and explain"). Als dit goed gaat, kun je langzamerhand naar de achterkant van zijn lijf gaan. Daarna ga je verder met het aanraken van de oren, poten (je kunt hem aparte cues leren om zijn pootjes op te tillen) en uiteindelijk naar het bekijken van de tanden. Dit doe je eerst allemaal op de grond en daarna op de (lage) tafel.


Tip 4: behandelingen Laat je hond vlak voor het bezoek aan de dierenarts uit.

Neem een snuffelmat mee die je in de wachtkamer en mogelijk ook tijdens de behandeling kunt gebruiken. Veel voertjes en bijvoorbeeld hondenpaté in een tube voor langere behandelingen zijn onmisbaar. Heeft je hond bij de dierenarts geen interesse in voertjes, dan kun je bijvoorbeeld zijn favoriete speeltje meenemen. Als je hond ook daar door de stress geen interesse in heeft, dan ben je er zelf nog. Wees er voor je hond als hij angstig is. Het is een fabel dat de angst erger wordt als hij bijvoorbeeld tegen je aan mag staan of als je geruststellend tegen hem praat.


Vindt je hond de wachtkamer spannend, dan kun je ervoor kiezen om je hond in de auto te laten en met hem naar binnen te gaan op het moment dat jullie aan de beurt zijn.


Bij sommige honden werkt het heel goed om ze te laten ruiken aan alles wat de dierenarts gebruikt, zoals bijvoorbeeld een spuitje, en ook hier gebruik te maken van "name and explain".

Bij andere honden loopt de stress zo snel op, dat dit niet werkt. Sommige dierenartsen kunnen snel en vrijwel pijnloos enten, zodat de hond er weinig van merkt. Als de tafel veel stress oplevert, kan inenten op de grond gebeuren.


Behandelingen doorzetten bij een zeer angstige hond is een groot risico op een trauma. Het is dan beter om de behandeling te stoppen en samen met de dierenarts na te denken over een andere aanpak. Bespreek van tevoren met de dierenarts op welk moment de behandeling wordt gestopt.

Tip 5: veiligheid

Hoe je het went of keert, in sommige (nood)gevallen moet een bepaalde behandeling gewoon gebeuren. Het is verstandig om je hond van te voren te laten wennen aan een muilkorf voor het geval deze nodig is, omdat een behandeling heel spannend en/of pijnlijk is. Bij sommige hondenscholen, zoals de Zwerfhondenschool, kan muilkorftraining onderdeel van het programma zijn.


Tip 6: kraag

Heeft je hond een wondje waar hij aan kan zitten, dan is al snel een kraag nodig. Laat je hond wennen aan een kraag als er niets aan de hand is voor wanneer er wel een keer een kraag nodig is (en welke hond heeft in zijn leven nou nooit een kraag omgehad?). Ook training met de kraag kan onderdeel zijn van het programma op de Zwerfhondenschool.


Tip 7: veel meer positieve ervaringen dan negatieve

Bij de dierenarts is het belangrijk om je hond veel meer positieve ervaringen op te laten doen dan negatieve, dus tegenover een vervelende behandeling staan veel bezoekjes aan de dierenarts zonder behandeling, maar met lekkere voertjes, de snuffelmat, veel knuffels van de assistent als je hond dat prettig vindt, etc.

Als je je hond alleen in bijvoorbeeld de auto of doggyride laat gaan voor een bezoekje aan de dierenarts, dan wordt dat vervoermiddel de voorspeller van de dierenarts. Gevolg kan zijn dat je hond een negatieve associatie legt met het vervoermiddel. Zorg ervoor dat je nog veel vaker mee naar andere, heel leuke plekken gaat rijden, zoals de favoriete uitlaatplek van je hond.



Dit artikel is geschreven door Michel Berendsen van de Zwerfhondenschool. Overname is zonder toestemming niet toegestaan. Delen van deze link via social media wordt op prijs gesteld.

452 keer bekeken

06 29 50 72 17

  • Facebook Social Icon
  • Twitter

©2019 by Michel Berendsen